Bel voor een afspraak 0513-436034     

 
LinkedIn ballon 

Stottertherapie

Wat is stotteren?

Stotteren is een verstoring in het ritme van de spraak. Iemand die stottert herhaalt of verlengt onwillekeurig klanken of lettergrepen. Soms worden ze er met veel spanning uit geperst. Stotteren kan ook bijkomend gedrag veroorzaken als:
  • meebewegingen in het gezicht en van lichaamsdelen
  • verstoring van de adem
  • transpireren
  • met veel spanning spreken
Stotteren kan de communicatie ernstig verstoren. Problemen zijn namelijk niet altijd zichtbaar of hoorbaar. Denk bijvoorbeeld aan problemen als het vermijden van situaties, het omzeilebepaalde woorden of klanken omzeilen, gebrek aan zelfvertrouwen en angst om te spreken. Ook kan iemand inwendig stotteren. Een spreker is dan voor de buitenwereld wel vloeiend, maar is in zijn hoofd voortdurend bezig zijn spraak te besturen. 

Wat is broddelen? 
Broddelen is een stoornis in het spreken, dat zich uit als een niet-vloeiende of aritmische, moeilijk verstaanbare spraak. Kenmerken kunnen zijn:
  • een slappe uitspraak en een hoog spreektempo
  • het ineenschuiven van woorden (bijvoorbeeld ‘tevisie’ in plaats van 'televisie')
  • stopwoordjes
  • snelle woordherhalingen en klankherhalingen
  • moeilijkheden met het formuleren van gedachten, ook schriftelijk.
  • hyperactiviteit en een slechte concentratie.
Wat is het verschil tussen broddelen en stotteren?
Broddelen lijkt soms op stotteren. De broddelaar merkt alleen niet op dat zijn spreken herhalingen en onduidelijkheden vertoont en de stotteraar meestal wel. Bij broddelen blijkt dat niet de aansturing van spieren is verstoord, zoals bij stotteren, maar de planning van de spraak- en taalactiviteiten bij een te hoog communicatietempo. Broddelen komt wel vaak voor in combinatie met stotteren. Op latere leeftijd kan broddelen het carrièrepatroon nadelig beïnvloeden, wanneer hogere eisen aan de spreekvaardigheid gesteld worden. De luisteraar zal de persoon die broddelt vaak slecht verstaan en reageren met: "Wat zeg je?". De spreker begrijpt niet waarom hij niet goed overkomt en hijzelf en de luisteraar zien de veelvuldige versprekingen als slordigheden.